Hoge bloedsuiker, insuline en insulineresistentie

insulineresistentie hoge bloedsuiker HOMA IR
Share on facebook
Share on pinterest
Share on linkedin
Share on email
Share on whatsapp
Share on twitter

Voor we ingaan op insuline en insulineresistentie moeten we ons de vraag stellen:

Wat veroorzaakt hoge bloedsuiker?

in één woord : koolhydraten

Maar hoe komt dit dan?

Iedereen heeft op elk gegeven moment glucose, een vorm van suiker, in zijn bloed. Suiker is een vorm van energie. Het kan de cellen in het lichaam voorzien van de energie die ze nodig hebben voor het uitvoeren van kritische functies. Van brandstof voor de hersenen tot energiebron voor de spieren bij intensief sporten.

Wanneer je een standaard dieet eet, dus volgens de huidige voedingstabel, dan komt de meeste suiker in het bloed in de vorm van koolhydraten. Koolhydraten zijn dus een vorm van suiker en zitten in veel meer dan men denkt en niet alleen in de voor de hand liggende snoep en koekjes.

Brood, pasta, rijst, aardappelen en andere zetmeelrijke groenten zoals wortelen, maïs, bonen, erwten, linzen enz… bevatten heel veel koolhydraten in tegenstelling tot de zetmeelarme groenten zoals bladgroenten, komkommers, broccoli, pepers, … (zie de lijsten)

1 kop rijst bijvoorbeeld staat gelijk aan 20 klontjes suikers

1 aardappel is goed voor een equivalent van 19 klontjes suiker

Bekijk zeker deze korte maar zeer confronterende video

The shocking amount of sugar hiding in your food – BBC

Maar ook veel fruitsoorten, met uitzondering van enkele bessen, bevatten heel veel koolhydraten.

Fruitsappen zijn dan ook ‘koolhydraatbommetjes’ die net zoveel suiker kunnen bevatten als frisdrank. lees meer in ‘is fruit echt gezond? Fructosegevaar’

Suiker zit ook vaak verstopt onder andere namen zoals : 

Maltose, dextrose, HFCS, dextrine, maïsstroop, tapiocasiroop, agave nectar, kokosnectar, honing, fruitsapconcentraat, molasse, maltitol, mannitol, ACE-K, cyclamaat, rijststroop, appeldiksap, fructose, druivensuiker, galactose, gerstemout, maïsstroop, malt, moutsuiker, ribose, sorbitol, melksuiker,  … om nog maar te zwijgen van de E-nummers waarachter ze kunnen verstopt zitten.

Het is dus belangrijk om de ingrediëntenlijst en de voedingslabels te controleren. Meer hierover in onze shopping gids

Het woord ‘koolhydraten’ of ‘carbs’ (carbohydrate) verwijst eigenlijk naar een bepaald type molecule in dit voedsel.

Deze moleculen, zoals zetmeel, zijn ketens van suikereenheden die ons lichaam niet zomaar kan gebruiken.

Tijdens de vertering worden deze ketens opgesplitst in aparte suikerdeeltjes zodat ons lichaam ze kan opnemen.

Deze suikermoleculen zijn meestal in de vorm van glucose (bloedsuiker).

Dat is de reden dat telkens je koolhydraten eet, je bloedsuiker de hoogte in gaat. Je absorbeert de suiker direct in de bloedbaan.


 

De rol van insuline

Wanneer suiker in onze bloedbaan terechtkomt, moet het nog een weg afleggen vooraleer het in de cel als energie kan worden gebruikt. Dat is waar insuline in actie komt.

Insuline is een hormoon, een soort van chemische boodschapper, die wordt aangemaakt in de alvleesklier, meer bepaald door de betacellen in de “Eilandjes van langerhals”.

Je kan insuline zien als een soort gids die de glucose in onze bloedbaan begeleidt naar onze celmembranen en daar de toegang tot de cellen mogelijk maakt.

Het teveel aan glucose kan in onze lever en spieren worden opgeslagen onder de vorm van glycogeen, die dan dient als een soort reserve voor wanneer onze bloedsuikerspiegel te laag is.

Echter is de opslag van glycogeen in de lever en de spieren heel beperkt en wordt de rest opgeslagen in onze vetcellen. Een ‘vet’reserve voor later, wanneer eten schaars is.

Insuline wordt dan ook het ‘vetopslag’ hormoon genoemd en als je er te veel van aanmaakt kom je aan. lees meer in ‘Waarom worden we dik’

De gevaren van te hoge bloedsuiker en de gevolgen.

Maar wat is te hoog?

De generale maatstaf die wordt aangenomen voor een nuchtere bloedglucose is 100mg/dl en tussen 70 en 140ml/dl voor een postprandiale bloedglucose. (2u na de maaltijd).

Dat is dus ongeveer het equivalent van 1 theelepel suiker die constant circuleert in ons bloed.

Ons lichaam is een doorgedreven intelligente machine die steeds probeert om in een homeostatic state oftewel stabiele toestand te blijven en wanneer onze bloedsuikerspiegel stijgt, zal de alvleesklier dus snel reageren door insuline aan te maken en de bloedbaan in te sturen om zo het bloedsuikergehalte weer op een normaal niveau te krijgen.

Als je voedsel eet dat veel koolhydraten bevat, zal je bloedsuikerspiegel heel snel de hoogte in gaan.

Een te hoge bloedsuiker kan heel wat schade aanrichten aan onze bloedvaten en organen en leiden tot heel wat aandoeningen, alsook aandoeningen geassocieerd met diabetes type 2, zoals blindheid, nierfalen en amputaties.

Wie eet volgens het ‘Westers’ dieet , haalt meer dan 50% van zijn calorieën uit koolhydraten (suikers), meestal ligt dit zelfs boven de 60%.

Zo’n enorme hoeveelheid suikers zorgt voor een aanzienlijke stijging van de bloedsuikerspiegel die ons lichaam dus zo snel mogelijk naar beneden probeert te krijgen.

Het bekende ‘suikerdipje’ na het eten van een maaltijd overladen met koolhydraten.

Wat doen de meeste mensen dan, ze grijpen naar een ‘suikerrijke’ snack, waardoor de bloedsuiker opnieuw stijgt en er opnieuw insuline moet aangemaakt worden.

 

 

Een vicieuze cirkel waarbij niet alleen de bloedglucose constant hoog is, maar ook insuline constant hoog is, is niet alleen giftig voor ons lichaam, onze cellen worden ook steeds minder gevoelig voor insuline en dit leidt tot insulineresistentie, diabetes type 2 en vele andere metabole en chronische aandoeningen.

 

Wie een keto dieet volgt, haalt slechts 5 à 10 % van zijn energie uit koolhydraten, de rest komt van gezonde vetten en proteïnen. Dat is dan ook meteen één van de redenen waarom het Keto dieet of de Keto levensstijl zo effectief is in het terugdraaien van insulineresistentie en diabetes type 2.

lees meer in ‘Diabetes type 2, niet alleen een suikerkwestie maar ook een kwestie van ontsteking.’


 

Insulin sensitive of insulin resistant?

Er zijn mensen, al zijn het er weinig, die heel gevoelig zijn voor insuline. Wanneer deze mensen een maaltijd hoog in koolhydraten eten en als gevolg daarvan hun bloedsuikers stijgt, kunnen ze met slechts een kleine secretie van insuline hun bloedsuiker heel snel naar het normale niveau terugbrengen.

Ze hebben dus een hoge koolhydraattolerantie en zijn dus insuline gevoelig.

Het probleem is dat dit slechts voor een heel klein percentage ook zo blijft.

De koolhydraattolerantie verschilt van persoon tot persoon. Voor de ene kan dit 50 gram per dag zijn, voor de andere slechts 20 gram, sommige, al zijn het er weinig, doen het goed met 100 of zelfs 150 gram.

Voor de meeste mensen daalt deze gevoeligheid met de tijd ingevolge de koolhydraten die ze eten en de reactie van het lichaam op de verhoogde bloedsuiker.

Insuline is de sleutel die de deur naar de cel opent zodat glucose in de cel binnen kan.

Hoe meer deze sleutel gebruikt wordt, hoe minder goed hij in het slot past, dus zijn er steeds meer en grotere sleutels (hoeveelheden insuline) nodig.

Dit is het geval bij iemand met diabetes type 2  of prediabetes. Door het defect (slijtage) dat ontstaan is aan het sleutelmechanisme,  is het heel moeilijk om die bloedsuiker naar beneden te krijgen, dus moet het lichaam veel meer nieuwe sleutels inzetten om de toegangsdeur naar de cel te openen en de opname van glucose mogelijk te maken.

Zij hebben dus een lage koolhydraattolerantie of beter gezegd koolhydraatintolerantie. Deze mensen zijn insuline resistent.

Daar waar koolhydraat tolerante personen een bepaalde hoeveelheid insuline nodig hebben om hun bloedsuiker tot het normaal niveau te brengen, heeft iemand met diabetes type 2 of pre-diabetes voor eenzelfde hoeveelheid koolhydraten veel meer insuline nodig om zijn bloedsuiker te normaliseren.


 

Hoe weet je nu of je insuline-gevoelig of insuline-resistent bent?

Wanneer insuline uit balans raakt, kunnen ook andere hormonen uit balans raken.

Daarom kunnen veel klachten een signaal van insulineresistentie zijn, waaronder :

  • Makkelijk gewicht bijkomen en moeilijk afvallen – overgewicht
  • Vermoeidheid, gebrek aan energie en ‘suikerdips’ na maaltijden met koolhydraten
  • Extra vetopslag in de buikstreek
  • Droge mond en vaak dorst
  • Donkere huidvlekken vooral rond de oksels
  • Gewrichtsklachten en ontstekingen
  • Neerslachtigheid, stemmingswisselingen
  • Sterke drang naar zoetigheid of suikerverslaving
  • Geen tussendoortjes of maaltijden kunnen overslaan (prikkelbaar, ongeduldig en moe worden) wat ze noemen ‘hangry’
  • Hongergevoel, ook bij voldoende energieopname

 

Als je meerdere van deze symptomen ervaart is het verstandig om je insulinegevoeligheid te laten testen.


 

Hoe testen ?

# een orale glucose tolerantietest waarbij een dosis glucose wordt toegediend en in de daaropvolgende periode de reactie van de bloedsuiker wordt gecontroleerd.

# een nuchtere bloedcontrole waarbij niet alleen de bloedsuiker maar ook het insulineniveau gemeten wordt, is een betere marker voor insulineresistentie. 

# een bloedcontrole waarbij de HBA1C waarde wordt weergegeven, een test die de gemiddelde bloedsuikerspiegel van de afgelopen 3 maanden weergeeft.

Glucose bindt zich met hemoglobine. Onze rode bloedcellen vernieuwen elke 3 maanden en deze test toont de ‘versuikering’ (glycatie) aan van de bloedcellen over die periode. Een verhoogde score is een indicator van insulineresistentie, pre-diabetes en diabetes type 2.

# triglyceriden : een verhoogde waarde van triglyceriden kan een aanwijzing zijn van insulineresistentie.

lees meer in ‘Wat is diabetes type 2 eigenlijk?’ en ‘Het keto dieet – hoe werkt het? bekijk zeker onderstaande video’s

Dr. Ted Naiman – ‘Insulin Resistance’

Dr. Doron Sher – ‘Carbs, Insuline and Fat’

 

Tests that Measure Carbohydrate Sensitivity or Intolerance? 

 

Share on facebook
Facebook
Share on pinterest
Pinterest
Share on linkedin
LinkedIn
Share on email
Email
Share on whatsapp
WhatsApp
Share on twitter
Twitter
Sofie

Sofie

Belangrijk : Alle informatie op de Website en de inhoud van de blog, inclusief tekst, afbeeldingen en geciteerde statistieken, evenals al het andere materiaal dat hierin is opgenomen (‘de inhoud”), is alleen voor informatiedoeleinden. De inhoud is niet bedoeld als vervanging voor professioneel, medisch advies, medische diagnose en/of behandeling. Negeer geen medisch advies en raadpleeg altijd uw arts als u vragen heeft over een medische aandoening of voordat u iets implementeert dat u heeft gelezen of gehoord in onze inhoud of tijdens eventuele webinars, life video’s, enzovoort. Als bezoeker of gebruiker van de Website verbind je je ertoe op geen enkele wijze en onder geen enkele vorm dan ook het geheel of zelfs een deel van elementen waaruit de Website bestaat te kopiëren, te bewerken, te reproduceren, door te verkopen of op enige andere wijze te gebruiken. zie onze voorwaarden

Volg ons op

Recente berichten

Like onze pagina

Nieuwsbrief

Scroll naar top